Minyeshu

(c) Cobra.be

“Op haar vorige plaat ‘Dire Dawa’ (2008), genoemd naar de geboortestad van Minyeshu, bracht de Ethiopische zangeres een mix van Ethiopische muziek en pop. Voor de opvolger ‘Black Ink’ gooit ze het over een andere boeg en kiest ze resoluut voor Ethiogroove, een vermenging van de verrukkelijke Ethiojazz die we vooral kennen van Mulatu Astatke, aangevuld met een aanstekelijke groove.

We mogen in dat opzicht toch wel van een klein mirakel spreken als je ziet hoe zo goed als alle Afrikaanse zangeressen die in Europa gevestigd zijn, steevast kiezen voor Afropop. Minyeshu Kifle Tedla, die in 1996 naar België verhuisde en een paar jaar later naar Amsterdam, breekt die trend en ontwikkelt op ‘Black Ink’ haar eigen sound waarin ze ook wat elektronica vermengt.

Geen platte beats, wel een cyclische, hypnotiserende groove die van een nummer als ‘Zare’ een ogenblikkelijke dansvloerklassieker maakt. Ook ‘Awdamet’ heeft zo’n hypnotische groove in combinatie met een typisch Ethiopische geluidskleur.
‘Ken Te Ken’ neigt eerder naar rock & roll op gitaar en drum, maar dan met Ethiopische vocals en een polyfonisch refrein dat doet denken aan de hoogdagen van Zap Mama. ‘Sehara’ klinkt traditioneler, een mooi rustig nummer alvorens op ‘Metche’ uit te pakken met vette reggae. In het titelnummer vervalt Minyeshu toch in plattere Ethiopop, een spaak in het wiel van een verrassend sterk album.

Benjamin Tollet”

Minyeshu treedt op in de Balzaal van de Vooruit op 8 november aanstaande.
Een organisatie van Bos+, Finado, Manbarnootaaf, Dertiende Ster en Erè Mèla Mèla.

Kaarten in voorverkoop aan 12 euro (voor optreden en fuif) kan je nu al reserveren door overschrijving op het rekeningnummer 068-2445234-85.

Advertenties

De collectie van het Krar Collective

 

Het Krar Collective uit Londen startte met spelen op bruiloften in de Ethiopische gemeenschap.Temesgen Zeleke, leider en krar (harp) speler van het trio, arrangeerde traditionele liederen uit heel Ethiopië. Samen met o.a. zangeres Genet Assefa en percussionist Robel Taye nam hij de debuut cd ‘Ethiopia Super Krar’op: een doortastende herwaardering van het Ethiopische muziek verleden.

Het Krar Collective speelt muziek uit heel Ethiopië die ze bewerkten tot dynamische contouren. Het is ongelooflijk dat met een bezetting van hoofdzakelijk krar, percussieen (meerstemmige) zang zo’n brede sound wordt neergezet. Dansbaar, stuwend en met veel energie. Prachtig hoe de zang vanTemesgen Zeleke en Genet Assefa elkaar afwisselen in voor en nazang ondersteund door de masenqo (éénsnarige viool) die de melodie unisono (eenstemmig) meespeelt. Zeleke, die overigens bij het Nationale Theater van Ethiopië speelde en leerling was van de grote Ethiopische jazz pionier Mulatu Astatke, laat de elektrische krar heerlijk vibreren en scheuren als een elektrische gitaar. De titels van de nummers verwijzen naar de vele etnische groeperingen van het land, elk met zijn eigen cultuur (taal en kleding) o.a. ‘Ambassel’ (noorden), ‘Guragigna’ (zuiden)en ‘Konso’ (zuid-west). Mede hierdoor is de debuut ‘Ethiopia Super Krar’een gevarieerde cd geworden: al zal dat de gemiddelde luisteraar niet in eerste instantie opvallen. De Ethiopische muziek is gebaseerd op de 5-toons ladder (pentatoniek) en zeer duidelijk herkenbaar in bijvoorbeeld‘Orominga’, terwijl in ‘Wello’ een Sudanese invloed hoorbaar is. Het prachtige ‘Tizita’ is opgedragen aan alle dierbaren, waar Temesgen Zeleke zichzelf begeleid op de krar. ‘Ethiopa Super Krar’ staat vol moderne bewerkingen van het Ethiopisch muzikaal erfgoed dat door zijn hedendaagse aanpak nóg beter klinkt.

bron: http://www.musicframes.nl

(c) Mattie Poels

Ere Mela Mela danst

Zaterdag, 4 februari om 20 uur is er een Ethiopische dansinitiatie.

Toegang: 5 euro. (Onder 16 jaar: gratis).

Inschrijven via eremelamela@skynet.beEre Mela Mela danst

Mulatu Astatke in Vooruit, Gent

Gent, Kunstencentrum Vooruit, 8 maart

Mulatu Astatke is muzikant, componist en arrangeur, en wordt in Ethiopië als godfather beschouwd: hij zette de Ethiopische jazz op de kaart. Als krasse zestiger bouwt hij al decennialang aan zijn unieke blend van pop, moderne jazz, traditionele Ethiopische muziek, latin ritmes, Caraïbische reggae en afro-funk.
Hoe groot Mulatu’s invloed op Ethiopische muziek ook is, toch is zijn muziek bovenal van zichzelf: ‘ik speel veel verschillende ritmes en maak gebruik van onorthodoxe toonsoorten. Dat alles in volmaakte harmonie. Alleen ik kan Ethio-jazz spelen. Niemand doet me dat na!’ (Kindamuzik). Op het Britse label Strut bracht Mulatu in 2010 nog Steps Ahead uit, dat de fusie tussen westerse en Ethiopische jazz verder doordrijft.

Mulatu Astatke speelde de voorbije jaren o.a. in De Kreun, Het Depot, en een zinderend concert in de uitverkochte Minnemeers, met het Londense funk-orkest Heliocentrics. Dit is zijn enige concert in België dit voorjaar!

Virtuoze ‘wereldmuziek’, maar dan zonder wrange smaakje: Een sfeervolle avond vol wah wah-gitaren en zwoele vibrafoon. Een kruising tussen Miles Davis’ “In a Silent Way”, Cannonball Adderly en Roy Ayers. De perfecte soundtrack voor een politiethriller uit de jaren ’70, of een broeierige avond in Vooruit.

(c) Vooruit

Mulatu Astatke & The Heliocentrics in Trix

Op zaterdag, 10 april, treedt Mulatu Astatke & The Heliocentrics op in Trix Club in Antwerpen.
Meer informatie op hun site.

Gogol Bordello bassist op zoek naar roots

De muziek van Gogol Bordello staat bol van Balkan beats en Gypsy punk. Des te opvallender blijkt de persoonlijke smaak van de muzikanten afzonderlijk. Zanger en smaakmaker Eugene Hütz, kwam eerder al met sideprojects zoals J.U.D. waarin hij DJ is, werkte hij samen met Primus’ Les Claypool wn was hij in verschillende films te zien. Toch bleef hij hiermee zijn gypsy roots vrijwel trouw. In tegenstelling tot collega Tommy T. Ineens stapt de Gogol Bordello bassist naar voren met een solo album. Op The Prester John Sessions gaat hij terug naar zijn roots. En deze liggen wat verder dan de Balkan, namelijk in Ethiopië.

Tommy T, geboren als, Thomas Gobena, staat bekend als de donkere bassist van Gogol Bordello. Waar je het door de sound van de band niet zal verwachten is Tommy T afkomstig uit Ethiopië. Voor zijn debuut als solo-artiest ging hij op zoek naar zijn roots in dat land en verzamelde een collectie muziek die varieerde van traditionele folkmuziek, tot moderne Ethiopische muziek.

The Prester John Sessions, is het resultaat van de lange culturele zoektocht. Tommy T heeft geprobeerd de muziek uit zijn vaderland meer toegankelijk te maken voor het grote publiek. Dit deed hij door de traditionele muziek te combineren met jaren 70 funk, jazz. reggae en dubstep. Het resultaat mag er zijn: Afrikaanse muziek met een freakende bassist als middelpunt.

Hoewel de combinatie op het eerste gezicht vreemd lijkt, geeft Tommy T aan dat de jaren 70 van grote invloed waren op de muziek in Ethiopië. Vooral de funk heeft een grote stempel op de cultuur gedrukt. Op The Prester John Sessions wil hij deze tijd dan ook weer doen herleven, maar dan met het gebruik van de huidige productietechnieken, die 30 jaar geleden nog niet in Ethiopië beschikbaar waren. Hij wil op deze manier de huidige generatie de diversiteit in Ethiopische muziek laten horen. En ons allemaal een beeld geven van wat wij hebben moeten missen.

“I believe in music without boundaries. Music should be inclusive, not exclusive. People who love music know the best music is created without boundaries and limitations. The Prester John Sessions take that idea to the next level,” aldus Tommy T.

(c) Speakerheads TM

Mulatu Astatke in Het Depot

Op de site van Tropicalidad vonden we onlangs een interview met Mulatu Astatke. De vragen werden gesteld door Tim en het volledige interview vind je op www.tropicalidad.be, maar we mochten enkele stukken overnemen:

Mulatu, zit ik juist als ik zeg dat je niet echt voorbestemd was om muzikant te worden? Artiesten hadden niet echt aanzien in het Ethiopië van jouw jeugd.

Mulatu Astatke: “Ja, dat was inderdaad het probleem; een probleem dat zich trouwens niet alleen manifesteerde in Ethiopië, maar in de meeste derdewereldlanden. Een bijkomend probleem was dat er op school ook weinig of geen aandacht besteed werd aan muziek of kunst. Ik ben opgegroeid in een periode waarin alles erop gefocust was om van Ethiopië zo snel mogelijk een moderne natie te maken en wetenschap en technologie kregen daarbij alle aandacht terwijl kunst, muziek en theater als minder belangrijk werden beschouwd. Je kunt je inbeelden hoeveel talent er zo verloren gegaan is in Afrika. Mijn eigen verhaal is heel gelijklopend. Ik studeerde luchtvaarttechnieken maar ik had het geluk een beurs te krijgen om in het Verenigd Koninkrijk te gaan studeren. In de school waar ik daar terechtkwam (Lindisfarne College in Wales, red.), ging een heel nieuwe wereld voor me open. Ze hadden daar departementen voor zowat elke kunstrichting die je je kunt indenken, van theater en muziek tot dans en beeldende kunst. Volgens mij is dat nog steeds de beste manier om je eigen potentieel te ontdekken: probeer gewoon alles eens uit en je ontdekt vanzelf welke verborgen talenten je misschien hebt. Ik voelde al snel dat muziek mijn roeping was, maar mijn familie daarvan overtuigen was een ander paar mouwen. Toen ik hen na veel gepraat en gediscussieer uiteindelijk over de streep kreeg, schreef ik me in aan het Trinity College in Londen voor een studie klassieke muziek. In mijn vrije tijd bracht ik echter veel tijd door in de Londense jazzscene, in clubs als Ronnie Scott’s bijvoorbeeld (Ronnie Scott, geboren Ronald Schatt, was een Engelse jazz tenorsaxofonist die in 1959 een jazzclub opende in de Londense wijk Soho, red.). Ik geraakte meer en meer in de greep van de jazz en zo belandde ik uiteindelijk in het Berklee College of Music in Boston (Massachusetts, USA, red.). Ik was de allereerste Afrikaanse student die zich daar inschreef! Na het beëindigen van mijn studies verhuisde ik naar New York waar ik uiteindelijk mijn eigen Ethio-jazz stijl ontwikkelde.”

In Europa genieten we al jaren van Afrikaanse muziek, maar in vergelijking met muziek uit landen als Mali of Congo, lijkt de Ethiopische muziek wat achterop te hinken. Men begint pas nu de muzikale rijkdom van Ethiopië te ontdekken. Waarom heeft dat zolang geduurd?

Mulatu Astatke: “Ethiopië is een land dat nooit echt gekoloniseerd werd zoals de meeste andere Afrikaanse gebieden; het is een vrije natie met eigen tradities en waarden. Nog belangrijker is misschien dat het eeuwenlang een vrij geïsoleerd rijk is geweest. Tijdens het regime van de Communistische Derg (1974 – 1987, red;) raakte het land opnieuw geïsoleerd en dat bemoeilijkte het voor buitenlandse promotoren om de muzikale erfenis van Ethiopië te komen verkennen. De Ethiopiques reeks (het Franse label Buda Musique begon met de Ethiopiques reeks in 1997 en focuste in het begin voornamelijk op populaire Ethiopische muziek uit de jaren zestig en zeventig, red.) heeft een grot rol gespeeld in het verspreiden en ontsluiten van de Ethiopische muziek. Ik denk dat we ondertussen op de goede weg zijn.”

Waar luisterde je vroeger zelf naar toen je nog in Ethiopië woonde?

Mulatu Astatke: “Ik heb Ethiopië al verlaten toen ik nog maar zestien was, dus de invloeden uit de Ethiopische muziek waren voor mij vrij beperkt, maar ik heb bijvoorbeeld nog zeer goede herinneringen aan Getachew Mekurya, een fantastische saxofoonspeler.”

De laatste jaren heb je je toegelegd op het promoten en herontwerpen van de krar, een traditioneel Ethiopisch snaarinstrument. Hoever staat dat project nu?

Mulatu Astatke: “De krar was traditioneel een instrument met vijf of zes snaren, maar ik heb een versie ontworpen met acht snaren. Dat is eigenlijk indrukwekkender dan het lijkt, want je moet wel beseffen dat het hier gaat om een instrument dat 3000 jaar lang onveranderd is gebleven! Voor de eerste keer in de geschiedenis was er nu dus een krar die octotonische muziek aankon. Het was ook niet alleen een update van het instrument, maar ook van de manier waarop Ethiopische musici eeuwenlang redeneerden en componeerden. Ik ben trouwens nog met verschillende andere projecten bezig; in Harvard ben ik bezig met een microcursus over het belang van Ethiopië in de muziekgeschiedenis – de mekwamia is de Ethiopische versie van het dirigeerstokje en wordt al eeuwenlang gebruikt, dus je zou Ethiopië kunnen beschouwen als de grondlegger van de moderne dirigeerkunst – en ik heb ook een opera gecomponeerd (de Yared Opera, red.) gebaseerd op originele Ethiopische kerkmuziek.”

Heeft het feit dat je zelf hebt moeten vechten voor je muzikale carrière je nooit aangezet om terug te keren naar Ethiopië en daar iets op poten te zetten?

Mulatu Astatke: “Oh, maar dat heb ik wel degelijk gedaan. Ik heb in Addis het African Jazz Village opgericht; een jazzacademie en jazzclub. Er wordt daar jazz onderricht op verschillende niveaus en bands uit alle regio’s van Ethiopië komen er optreden.”

Zijn de dingen in Ethiopië ondertussen fel veranderd?

Mulatu Astatke: “Ja, absoluut! Om te beginnen worden muzikanten tegenwoordig al een pak beter betaald dan vroeger. Dat, gecombineerd met het feit dat de Ethiopische muziek nu ook in het buitenland meer en meer bijval begint te vinden, maakt dat meer en meer jongeren zich gaan toeleggen op een carrière als muzikant. Ethiopië is wel degelijk aan een inhaalbeweging bezig!”