Addis Abeba – Lichaamsbouw en welvaart bepalen de regionale medailleverdeling op de Afrikaanse kampioenschappen atletiek.
Tot in de puntjes hebben de Ethiopiërs het 16de Afrikaanse kampioenschap atletiek voorbereid. Er is elektronische tijdwaarneming aangelegd in het atletiekstadion van de hoofdstad Addis Abeba. Er zijn beeldschermen in de stad waarop de wedstrijden zijn te volgen. En er is gratis toegang voor het publiek, zodat de tribunes vol zitten.
Alleen op regen is niet gerekend. Met bakken stort het water uit de hemel, vlak voordat de eerste wedstrijden van het tweejaarlijkse toernooi beginnen. Toeschouwers gillen, atleten vluchten van de baan. De trotse Lamine Diack, de Senegalese voorzitter van de internationale atletiekfederatie, vraagt vergeefs om een paraplu. Hij moet schuilen onder een plastic poster.
‘De trommelaars hebben de hemel geopend met hun geroffel’, zegt wereldrecordhouder 800 meter Wilson Kipketer met een grijns, terwijl hij de paniek hoofdschuddend aanziet. De tijdwaarneming valt prompt uit en dan valt ook het beeldscherm in het stadion uit.
Toch blijft echte chaos uit. De Ethiopiërs laten hun kampioenschap niet verstieren door een hoosbui, ook al begint de regentijd gewoonlijk pas in juni. Met enkele handige ingrepen is de elektronica hersteld en gaan de wedstrijden iets verlaat van start.
‘Alleen in Addis zijn we een beetje geschrokken. De rest van Ethiopië is blij met deze regen. Het was veel te lang droog’, zal wereldrecordhouder marathon Haile Gebrselassie later opmerken.
Vergeleken bij de problemen in de rest van het straatarme Oost-Afrikaanse land, dat bekendstaat om zijn lange droogteperiodes en hongersnood, is atletiek een frivole bezigheid. Maar de Ethiopiërs ontlenen trots aan de sport. Na Kenia is Ethiopië het Afrikaanse land met de meeste olympische kampioenen: 10 atleten hebben samen 14 gouden medailles gewonnen. Bij de Olympische Spelen van Peking zullen er naar verwachting minimaal twee medailles bijkomen.
De Afrikaanse kampioenschappen moeten een voorbode worden van dat succes. De Ethiopiërs hebben verreweg het grootste aantal deelnemers: 95 van de kleine 900 atleten uit 46 verschillende Afrikaanse landen. Aan bijna alle disciplines doen de overwegend ranke, tanige atleten mee, al hebben ze op technische nummers als hordelopen, kogelstoten en speerwerpen niets te zoeken.
Voor de Ethiopiërs tellen alleen de langere loopnummers, net als voor de andere Oost-Afrikanen. De West-Afrikanen zullen naar verwachting schitteren op de sprint. En de medailles op de technische nummers zullen merendeels terechtkomen bij de Noord-Afrikanen en de overwegend blanke Zuid-Afrikaanse delegatie.
Die regionale verdeling wordt bepaald door lichaamsbouw, spiertypen en welvaart. In veel Afrikaanse landen is geen geld om atleten in technische nummers op te leiden.
Daarom kent het Afrikaanse kampioenschap een duidelijke tweedeling. De loopnummers zijn van wereldniveau, de technische nummers niet. Europeanen en Amerikanen zijn op die laatste onderdelen beter dan de beste Afrikanen.
Hoewel de allerbesten op de loopnummers ontbreken, doet dat aan het niveau weinig af. Steratleten als Gebrselassie en wereldrecordhouder 5.000 en 10.000 meter Kenenisa Bekele geven de voorkeur aan lucratieve wedstrijden in Europa, later in het seizoen. Het Afrikaans kampioenschap kent geen prijzengeld.
Dat is te betreuren vindt oud-atleet Wilson Kipketer, al heeft de geboren Keniaan vanwege zijn naturalisatie tot Deen nooit deelgenomen aan een Afrikaans kampioenschap. ‘Het is net als met leeuwen. Je moet eerst je eigen grondgebied veroveren voordat je het gebied van een ander intrekt. Het is jammer dat atleten ervoor kiezen wereldkampioen te zijn zonder hun wortels te eren.’
Het enthousiasme van het publiek heeft niet onder hun afwezigheid te lijden. Het natte weer wordt getrotseerd en elke prestatie hartstochtelijk toegejuicht. Ook als die naar sportieve maatstaven weinig voorstelt. De stadionspeaker moet het publiek herhaaldelijk tot stilte manen voor de start van de loopnummers.
De atleten stellen niet teleur. Ze maken korte metten met hun Keniaanse aartsrivalen, de enige lopers die het hoge tempo op de 2.500 meter boven zeeniveau nog enigszins kunnen bijbenen. Op de 10.000 vernederen de plaatsvervangers van Gebrselassie en Bekele twee van de drie Kenianen, door ze een rondje te lappen. Ze leggen beslag op de drie medailles.
De 5.000 meter voor vrouwen kent een spannender verloop. Pas in de eindsprint slagen twee Ethiopische atletes erin de Keniaanse rivales van zich af te schudden.
Op de tribune worden spontaan vreugdevuren ontstoken, zonder dat de politie ingrijpt. Het is feest in Addis Abeba. En dat zal nog even voortduren. Want de komende dagen staat er nog een 5.000 (mannen) en 10.000 (vrouwen) meter op programma. Die afstanden zullen naar verwachting eveneens een prooi worden voor de Ethiopiërs afstandspecialisten.
Weer of geen weer. Desnoods zonder tijdwaarneming.
© De Volkskrant, reportage van Mark Van Driel, 02.05.08
Filed under: Sport | getagged: Addis Abeba, Afrikaans kampioenschap atletiek, atletiek, Ethiopië


